Ik worstel soms een beetje met doen en niet-doen. Een beetje, want ik geniet er ook van … van het niet-doen bedoel ik. De laatste weken ervaar ik meer dan ooit dat het echt zo werkt zoals ik in mijn boek Liefdevol Organiseren beschrijf: DOEN ontstaat eigenlijk als vanzelf vanuit ZIJN. Dat wist ik natuurlijk wel, anders had ik het niet geschreven 🙂 Maar als weten ook echt ervaren wordt, dan krijgt het toch een extra dimensie. Eigenlijk heb ik tot nu toe weinig hoeven te doen, actief hoeven te doen, met veel inspanning, om mijn boek in de wereld te zetten. Het ene na het andere kadootje kwam op mijn pad. Enthousiaste berichten van lezers die mijn boek uit zichzelf aan het promoten zijn bij anderen. Een telefoontje van een redacteur van NPO Radio 5 met het verzoek om de volgende ochtend een radio-interview te geven. Het spontane voorstel van collega schrijfster Anouk Brack (die ik via via mocht ontmoeten) om elkaars boek te gaan recenseren. En ga zo maar door. Ik geniet ervan, heb het gevoel dat ik echt in de flow zit.

Muppets

En toch … is er een stemmetje in mijn hoofd dat zegt: Roelien, je moet nu toch misschien wel actief iets (meer) gaan doen om je boek onder de aandacht te brengen. Nog wat meer lezingen gaan geven of zo. Dat stemmetje maakt me soms onrustig. Verstoord mijn vredige gevoel … de rust en het vertrouwen vanbinnen. Het dogma ‘Je moet hard werken om iets te bereiken’ zit er ook bij mij ingeramd. Het klopt nog steeds als een ongewenste bezoeker op de deur, wanneer ik me bij wijze van spreken net lekker languit op de bank heb genesteld voor een avondje detectives kijken. Ik laat hem weliswaar niet meer binnen, maar zijn geklop werkt me nog wel een beetje op de zenuwen. Net zoals die calvinistische gedachte ‘Ledigheid is des duivels oorkussen’ soms in mijn gemoedsrust zit te porren.

Op zo’n moment probeer ik bewust terug te keren naar mezelf, me weer te verbinden met de rust en het vertrouwen in mezelf. Het vertrouwen dat het schrijven van het boek Liefdevol Organiseren mijn bestemming is. En wat er uit voortvloeit, hoe mijn levenspad verder zal lopen? Hoe ik straks geld zal moeten verdienen als het potje met geld leeg is dat ik na mijn ontslag mee heb gekregen, het geld dat me de vrijheid heeft geboden mijn droom te gaan leven? Ik weet het niet. Ik heb de antwoorden (nog) niet. Dat niet-weten er laten zijn. Net zoals het niet-doen. En blijven vertrouwen dat de antwoorden zich vanzelf wel aandienen op het juiste moment. En dat de flow juist kan bestaan door niet zo hard te willen duwen en trekken. Dat is de grootste uitdaging voor mij op dit moment.

Toen ik in 2014 begon met mijn boek werkte ik nog bij de gemeente, drie dagen in de week. Daarnaast schreef ik, twee dagen in de week of één dag of nul. Afhankelijk van de energie die ik aan het eind van de week nog over had en de hoeveelheid inspiratie. Ik leefde een beetje in twee verschillende werelden en de omschakeling van de ene naar de andere was lastig. Als ik op donderdag thuis achter mijn bureau ging zitten, of achter het tafeltje met laptop in ons yoga & healing centrum, dan moest ik steeds omschakelen en het schrijven weer op gang laten komen. Hoe anders was dat nadat ik eind 2015 ontslag had genomen en me volledig op mijn boek kon focussen. De energie stroomde, de inspiratie vulde me en ik werkte meer uren dan ik in al die jaren daarvoor had gedaan. Maar ik vond het heerlijk. Ik was blij als ik ’s ochtends weer achter mijn bureau of tafeltje mocht kruipen en de vingers over het toetsenbord kon laten gaan. Het boek ontvouwde zich in mij, stroomde door me heen, vervulde me, als nooit tevoren. Ik mocht mijn passie én mijn droom leven: schrijven en een verhaal over liefdevol organiseren vertellen.

Stilte

En nu, ruim vijf weken na de boeklancering? Nu sta ik vaak stil. In mijn boek heb ik het volgende gedichtje over stilstaan geschreven:

Om vooruit te komen, moet je af en toe stilstaan
Luisteren naar de stilte die je toefluistert
Jezelf nestelen in de armen van de oneindige ruimte die je omhult
Zodat de leegte je kan vullen
En het onzichtbare je zicht kan geven op je ware bestemming

In die stilte geniet ik nu van het gedane werk, van de ontroerende reacties van lezers, de uitnodigingen die spontaan op mijn pad komen en al die lieve mensen om me heen die met me meeleven en meegenieten. Tiny, mijn partner en grote liefde, die zo trots op me is dat ze volschiet als ik het eerste boek vers van de pers uit de kartonnen verpakking haal, en een paar weken later als mijn trotse vrouw met een grote bos gele tulpen voor me staat. Michelle Shanti, mijn uitgeefster, met wie ik samen liefdevol organiseer, die me helpt mijn papieren kindje in de wereld te zetten, met haar liefdevolle aandacht en betrokkenheid en haar enorme vertrouwen in mij en mijn boek, en die nog steeds met me mee geniet. En al die andere lieve mensen om me heen, familie, vriend(inn)en, kennissen, met wie ik me verbonden voel en die me in mijn hart raken.

Ik laat de toekomst zichzelf ontvouwen. Op een manier die ik met mijn hoofd niet kan bedenken. En die kwebbelende muppets in mijn hoofd die af en toe de stilte verstoren? Met een vriendelijk ‘ssst’ probeer ik ze tot zwijgen te brengen. En als dat niet lukt, omdat ik het contact met het liefdevolle vertrouwen in mijzelf even kwijt ben, dan laat ik het er zijn: de twijfel, de onzekerheid, het niet-weten. Wetend dat het weer voorbij zal gaan. En ik me de volgende dag, en soms zelfs nog dezelfde dag, weer zal kunnen onderdompelen in het warme bad van liefdevolle aanwezigheid. Zonder oordeel. Zonder angst. Ik kan de tijd niet dwingen. Ik kan mezelf niet dwingen. En ik wil het ook niet meer. Ik kan het zelfs niet meer. En ach, die twijfel af en toe, die neem ik graag op de koop toe. Die was er altijd al, en toen eigenlijk vele malen sterker dan nu. Teveel zekerheid dooft de liefde, de creativiteit, het spontane geluk.

Hartelijke groet,

Roelien Dekker