Ons buurmeisje, een tiener, was in tranen toen ze vorige week woensdag de uitslag hoorde. “We hadden 9/11 en nu hebben we 11/9,” zei ze tegen haar moeder, die ons twee dagen na Donald Trump’s overwinning over deze reactie van haar dochter vertelde.

Ook voor mij, en ongetwijfeld velen met mij, was het een schok. Een donkere dag. Een dag van ontzetting, ongeloof. Ik kon het nauwelijks bevatten. Toen ik ’s ochtends in de trein zat op weg naar mijn uitgever, voelde de wereld onwerkelijk. Het was ook letterlijk een donkere dag. Uit het raam keek ik naar de grauwgrijze lucht boven de weilanden en woningen die de trein passeerde. Ik pakte mijn e-reader uit mijn tas en ging lezen, uit een behoefte aan afleiding. Die kon ik echter maar moeilijk vinden. Ik liet mijn e-reader op het tafeltje rusten en keek weer uit het raam. Hoe symbolisch is het, bedacht ik me, dat ik juist op deze dag een gesprek heb met mijn uitgever over mijn boek Liefdevol Organiseren. Op een dag als deze hebben we de kracht van liefde zo nodig. Liefde als tegenwicht tegen angst, wantrouwen en geweld. De liefde die ik ook voelde daar aan tafel met de uitgever, door de enorme openheid en verbondenheid in ons gesprek en het wederzijdse vertrouwen. Het verzachtte de harde werkelijkheid.

Nu ik dit schrijf, is het maandagmiddag 11/14, oftewel 14 november. Ook nu kijk ik naar een grauwgrijze lucht, dit keer uit het raam van mijn werkkamer. Het nieuws van vijf dagen geleden is langzaam aan het doorsijpelen in mij, maar blijft moeilijk te geloven, alsof ik het nog niet volledig wil accepteren. De Amerikanen hebben in meerderheid (niet met een meerderheid van stemmen, maar met een meerderheid van kiesmannen) gekozen voor een man die haat en verdeeldheid zaait, als de nieuwe president van hun land. Een narcistische man met een opgeblazen ego die wild om zich heen slaat. Een seksist. Een racist. Wanhopig op zoek naar goedkeuring en waardering. Met een enorme honger naar macht. Allergisch voor elke vorm van kritiek. Driftig wijzend met zijn vinger naar de boze buitenwereld van gevestigde politici, media en bepaalde bevolkingsgroepen die hij als een bedreiging ziet. Als ik met mededogen naar hem probeer te kijken, dan zie ik dat er een onzeker jongetje in hem schuilt dat bang is om afgewezen te worden en niemand vertrouwt. Een jongetje dat streeft naar bewondering, dat gezien en gehoord wil worden.

Zoals ook een deel van de mensen die op hem hebben gestemd, gezien en gehoord willen worden. Ze vestigen hun hoop op Donald Trump als hun leider. Zoals ook steeds meer mensen in andere landen hun hoop vestigen op populistische politici, waaronder Geert Wilders in ons eigen land. Het is in feite de Trump in onszelf die steeds harder gaat schreeuwen. Een zwarte tienerjongen in Amerika reageerde boos: “Trump is voor mij één grote, slechte grap. Het is niet alleen dat hij geweld propageerde tijdens zijn campagne. Voor mij als zwarte Amerikaan is hij een onderdrukker, en dat mensen massaal op hem hebben gestemd betekent dat er massaal voor onderdrukking is gestemd.” Het trieste is dat we mannen als Trump de macht geven die ze zo graag willen door te leven in de schaduw van onze eigen angst. Angst die de illusie voedt dat de wereld maakbaar is, dat we ons kunnen afsluiten voor problemen in de wereld, dat die problemen de schuld van een ander zijn, en dat we die problemen kunnen oplossen door bijvoorbeeld bepaalde bevolkingsgroepen buiten te sluiten en aan te wijzen als zondebok. Maar hoe naïef is het om te denken dat we grenzen dicht kunnen metselen en zo de problemen buiten de deur kunnen houden?

Het doorgeschoten individualisme in onszelf, onze maatschappij, de politiek en onze organisaties – de “narcistische betrokkenheid bij de eigen kleine wereld” zoals Martha Nussbaum het omschrijft – is in werkelijkheid onze grootste vijand. Een vijand die zich manifesteert in de vorm van een ‘politiek van angst’, machtsmisbruik, fraude, uitbuiting, uitsluiting, milieuvervuiling, en ga zo maar door. Een vijand die ons naar de rand van de afgrond duwt. Hoe dreigend die afgrond ook is, het hoopvolle van een crisis is dat het mogelijkheden biedt tot vernieuwing. Het maken van andere keuzes, het opdoen van nieuwe ervaringen en verder groeien als mens en maatschappij. Zo’n vernieuwing vraagt om de moed en de kwetsbaarheid om te durven loslaten. Het loslaten van oude overtuigingen, patronen en systemen die tot de huidige crises op politiek, humanitair, economisch en ecologisch gebied hebben geleid.

Wat loslaten het meest in de weg zit, is ons ego, een “false sense of self” zoals Eckhart Tolle het noemt, en de illusies van maakbaarheid en gescheidenheid waar het ego zich aan vast klampt. Het ego dat zich vaak onderdompelt in zelfbeklag, berusting, veroordeling en strijd. Waarbij we vaak onvoldoende realiseren dat we onszelf met ons ‘dikke ik’ veel kleiner maken dan we werkelijk zijn. Want ons ware zelf is werkelijk groots en onbegrensd. Als we luisteren naar haar stem, de stem van ons hart, in plaats van naar de muppets in ons hoofd, dan pas zijn we in staat angst te overstijgen en werkelijk te leven en werken vanuit liefde. Het gaat erom dat we ‘uitzoomen’ en inzien dat we niet ons ego zijn. Maar dat ons (opgeblazen) ego als een sluier ons ware zelf bedekt. Ons ware zelf dat weet dat het onderdeel is van een groter geheel waarin alles en iedereen met elkaar verbonden is en dat een enorme potentie tot transformatie in zich heeft.

Voormalig VN-leider Dag Hammarskjöld zei ooit dat we nooit aanhoudende vooruitgang zullen boeken in onze wereld totdat we allemaal “de langste reis afleggen”: de innerlijke reis. De makkelijkste manier is de ‘schuld’ bij de politici en ondernemers leggen die zich laten leiden door hun honger naar geld en macht, dus met andere woorden het buiten onszelf neerleggen. Maar daarbij verliezen we uit het oog dat wij het zijn die deze organisaties met elkaar vormen en hun bestaansrecht verlenen – als werknemers, kiezers, consumenten, aandeelhouders, beleggers, vrijwilligers, enzovoort. Laten we de confrontatie aangaan met onszelf, de Trump in onszelf onder ogen zien, en onszelf afvragen: hoe liefdevol ga ik om met mijzelf, met anderen en met de natuur? Als we zelf in ons eigen hart komen, dan helpen we de wereld om in haar hart te komen. Nog nooit in de geschiedenis is de noodzaak tot een transformatie voor mijn gevoel zo groot geweest als nu. Een transformatie van de ‘liefde voor macht’ naar de ‘macht van liefde’. Liefde is de grootste kracht in het universum. Liefde is waar ieder mens diep van binnen het meest naar verlangt. Laat in plaats van angst en haat de macht van liefde regeren. Dat is de enige manier waarop we de energie in beweging kunnen zetten die ons kan helpen onze dromen waar te maken.

Hartelijke groet,

Roelien Dekker